Moord en doodslag

Het is een actueel onderwerp de laatste tijd: het verschil tussen de straf voor moord en doodslag. De laatste jaren gaan er geluiden op in de samenleving om de straf voor doodslag te verhogen zodat het verschil in strafmaat tussen moord en doodslag kleiner wordt. Waar komen die geluiden vandaan en hoe wordt er in de samenleving op gereageerd?

Hoe staat het in de wet?
Moord en doodslag staan beschreven in het Wetboek van Strafrecht. Artikel 287 Sr gaat over doodslag en luidt: Hij die opzettelijk een ander van het leven berooft, wordt, als schuldig aan doodslag, gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste vijftien jaren of geldboete van de vijfde categorie. Artikel 289 Sr gaat over moord en luidt: Hij die opzettelijk en met voorbedachten rade een ander van het leven berooft, wordt, als schuldig aan moord, gestraft met levenslange gevangenisstraf of tijdelijke van ten hoogste dertig jaren of geldboete van de vijfde categorie.

De verschillen
Moord en doodslag zijn twee verschillende manieren van doden. Het verschil zit in de intentie. Bij moord is er nagedacht over het delict. Deze is gepland, er wordt bijvoorbeeld een mes of ander wapen gekocht, er is sprake van voorbereidingshandelingen. We noemen dit met voorbedachten rade. De rechter kijkt dan ook bij een rechtszaak hoeveel tijd er verstreken is tot iemand het plan heeft opgevat om iemand te doden en het daadwerkelijke doden. Is er meer tijd verstreken en zijn er meer voorbereidingshandelingen, dan is de kans groter dat de rechter spreekt van moord.
Bij doodslag ontbreekt de voorbedachten rade, er is geen sprake van het plannen maar van een opwelling om iemand van het leven te beroven.

Huidige strafmaat
In 2006 is de maximale straf voor moord omhooggegaan naar dertig jaar. De maximale straf voor doodslag is vijftien jaar. Minister Grapperhaus van Justitie en Veiligheid vindt dat het gat tussen beide straffen te groot is en werkt aan een wetsvoorstel om het zogenoemde strafgat te dichten. Hoeveel de maximale straf voor doodslag omhoog zou moeten, is niet bekend.

De zaak Hümeyra
De discussie over het verschil in strafmaat is weer aangewakkerd na de dood van Hümeyra. Hümeyra was een 16-jarige scholiere die in december 2018 op haar school in Rotterdam werd doodgeschoten door haar ex-vriend Bekir E. De rechter veroordeelde E. voor doodslag en legde hem 14 jaar cel en tbs op. Het OM had 20 jaar cel en dwangverpleging geëist voor moord, maar de rechtbank achtte voorbedachten rade niet bewezen. E. doodde Hümeyra in een opwelling, zo oordeelde de rechter. Hij schoot haar van dichtbij dood in de fietsenstalling van haar school. Alhoewel E. haar al langer stalkte en die dag een geladen vuurwapen op zak had, kon niet bewezen worden dat hij vast van plan was om haar die dag te doden. Hij heeft rennend op haar geschoten terwijl andere scholieren toe stonden te kijken. Bij een vooropgezet plan had hij niet zo’n openbare plek uitgekozen, volgens de rechter.
Inmiddels is het Openbaar Ministerie in hoger beroep gegaan tegen de uitspraak omdat ze het niet eens is met de veroordeling van E. voor doodslag, in plaats van moord.

De discussie
Gerrit van der Burg, topman bij het OM, pleitte begin 2020 in Trouw voor een verhoging van de straf voor doodslag. Dit past in de trend dat het strafklimaat in Nederland de laatste jaren is verhard. Van der Burg vindt wel dat strafrecht niet als oplossing moet worden gezien voor alle maatschappelijke problemen. Maar de tijden zijn veranderd. De emoties in de maatschappij laaien feller op dan vroeger en er is behoefte aan strengere straffen. De wetgever bepaalt of de strafmaat omhoog gaat, maar het OM heeft diverse richtlijnen omhoog geschroefd.

De cijfers
Volgens cijfers van het CBS uit 2019 zijn er minder slachtoffers van moord en doodslag in 2018 en sinds het begin van deze eeuw is het aantal slachtoffers gehalveerd. In bijna 9 op de 10 gevallen heeft de politie een (vermoedelijke) dader in beeld, zeker als het om vermoorde vrouwen gaat. Zij worden vaak omgebracht door hun (ex-)partner, waarbij huiselijke omstandigheden, zoals een echtelijke ruzie en jaloezie vaak het motief zijn. Bij vermoorde mannen is de dader vaak een kennis of vriend van het slachtoffer. Bij 1 op de 5 gevallen in 2018 ging het om een afrekening in het criminele circuit.
Het aantal veroordelingen voor doodslag komt veel vaker voor dan voor moord. De Erasmus Universiteit in Rotterdam heeft in 2019 de cijfers in kaart gebracht voor de periode 2006 tot 2018. Er waren toen 345 veroordelingen voor moord en 688 veroordelingen voor doodslag.

Maximumstraf
Volgens juristen wordt in de praktijk de maximumstraf op doodslag vaak niet geëist of opgelegd. Er zijn dus weinig signalen dat de maximumstraf ‘knelt’ voor rechters, dat wil zeggen te laag is. Zelfs in het geval van Hümeyra kreeg de dader niet de maximumstraf opgelegd. Dit leidde overigens tot woede en onbegrip van haar familie.
In Nederland draait het vooral om de vraag of een dader zich kon beraden. Andere aspecten, zoals de manier waarop iemand de daad uitvoert of het motief, tellen niet mee. In een aantal andere landen is dat laatste wel zo.

Hoe gaat het verder?
Het huidige kabinet heeft al een aantal maatregelen ingevoerd voor strafverzwaring. Zo zal de periode waarin een gevangene voorwaardelijk in vrijheid wordt gesteld, sterk worden bekort. Dit betekent voor langgestraften dat ze veel langer moeten zitten. De uitkomst van een wetsvoorstel om het zogenoemde strafgat tussen moord en doodslag te dichten is nog ongewis.

Meer lezen?
In de kennisbank Stapel & De Koning staan uitgebreide besprekingen van artikel 287 Doodslag en artikel 289 Moord, waarbij ook jurisprudentie is opgenomen.

Auteur: Arina Vermaas