De rechtszaak

De rechtszaak

(Vervolg op blog: Van hulpverlenen naar vechten)

 

Geplaatst op 13 juni 2016

Lees eerst Van hulpverlenen naar vechten

Na het incident zijn mijn collega en ik opgevangen door collega’s uit Rotterdam en hebben we aangifte gedaan van bedreiging en wederspannigheid bij aanhouding. Tevens deed mijn collega aangifte van mishandeling aangezien zij letsel (een bloedneus en meerdere blauwe plekken) had opgelopen. Van het hele incident hebben mijn collega en ik, afzonderlijk van elkaar, een uitgebreid proces-verbaal van bevindingen opgesteld en als bijlage gevoegd bij onze aangifte.

Op 1 februari 2016, ruim een jaar nadat het incident op de A13 had plaatsgevonden, vond de rechtszaak plaats. Mijn collega en ik zijn samen naar de rechtbank van Rotterdam afgereisd. Eenmaal daar aangekomen moesten we in de hal wachten totdat we de rechtszaal binnen konden. De verdachte en zijn advocaat waren inmiddels ook in de hal gearriveerd en bespraken uitgebreid de zaak, waarvan wij een groot deel konden horen. Ik vond het gek om de verdachte weer in levende lijve te zien; hij leek een heel ander mens dan ten tijde van het incident.

rechtzaak afbeelding

Verdachte kan zich de bedreigingen niet meer herinneren

Tijdens de rechtszaak stelde de officier van justitie in haar requisitoir dat zij de aangifte van mijn collega ter zake mishandeling, bedreiging en wederspannigheid bij aanhouding bewezen achtte. Daarnaast stelde de officier van justitie dat zij mijn aangifte van bedreiging niet aantoonbaar vond… Ze stelde dat de verdachte wel in mijn richting was gelopen maar dat hij geen zwaaiende bewegingen had gemaakt met het stuurslot dan wel bedreigingen geuit jegens mij. Daarbij stelde zij enkel de vraag aan verdachte of hij zich nog kon herinneren wat er gebeurd was tijdens het voorval en nadat verdachte in vrijheid gesteld was. Dat kon de verdachte zich niet meer herinneren.

De vorderingen (opgesteld door het geweldsloket) die er lagen vond de officier van justitie excessief hoog. Gezien de bedreiging ten aanzien van mij niet bewezen werd geacht werd deze vordering niet meegenomen in de eis. Voor mijn collega verlaagde ze de vordering tot een bedrag van 300 euro.

De advocaat stelde in haar pleidooi dat de verdachte vrijgesproken moest worden van alle strafbare feiten aangezien hij in een psychose verkeerde en dus ontoerekeningsvatbaar moest worden verklaard. Ze kon zich vinden in de feiten waarvan mijn collega aangifte had gedaan met uitzondering van de wederspannigheid bij aanhouding. Dit gezien de psychose en het niet bewust zijn van de gepleegde handelingen en het verzet, waarbij het bij de verdachte niet door is gedrongen dat wij van de politie waren. Daarbij somde ze de excuses die de verdachte had gemaakt op.

De OvJ veegt de aangifte van bedreiging en het letsel zo van tafel

De rechter achtte de bedreiging van mijn collega en mij bewezen. De mishandeling achtte hij voor mijn collega bewezen. De wederspanningheid achtte hij niet bewezen gezien de psychose en lichamelijke conditie van verdachte. Mijn collega en ik kregen beiden een vordering toegewezen van 300 euro.

Erkenning is belangrijker dan vergoeding

Zeer verbaasd over de officier van justitie verlieten mijn collega en ik de rechtszaal. Ze had mijn aangifte zo van tafel geveegd, alsof de bedreiging die ik ervaarde en de angst die ik voelde onzin was. Daarnaast vond ik het verbazingwekkend dat er in zijn geheel niet werd gesproken over het letsel en de schade die bij mijn collega had ondervonden. Hierin is enkel een toekenning gedaan met betrekking tot immateriële schade en is de materiële schade (oorbel kwijt en jas kapot) van mijn collega niet meegenomen.

Al met al ben ik persoonlijk wél tevreden met de uitspraak van de rechter. Het ging mij niet om de vergoeding maar wel om de erkenning. Daarnaast was ik opgelucht dat de confrontatie met de verdachte mij meeviel en dat hij zijn excuses had aangeboden.

Auteur: Karin Bauwhuis (pseudoniem)

Volgende maand weer een nieuw waargebeurd verhaal van een politieagent(e) uit het werkveld. Wilt u onze blog blijven volgen? Meld u dan aan op Facebook, twitter of voor de nieuwsbrief. Meer over dit onderwerp vindt u in de Kennisbank Stapel en de Koning.